De eetclub, deel 1: Cannelloni Quattro Formaggi

We hebben een eetclub, Lida, Marga, Anja en ik.

Niet zoals in het boek van Saskia Noort, waar mensen elkaar naar het leven staan. Ook niet “haute cuisine”, want wij zijn geen goede koks. Herstel. Ik ben geen goede kok. De enige uitdaging is iets te maken dat we nog niet eerder hebben gegeten. Uitdaging twee is dat het bij voorkeur vegetarisch moet zijn. We komen vier keer per jaar bij elkaar en maken dan voor-, hoofd- en nagerecht. De gastvrouw is vrijgesteld van koken, maar zorgt voor de borrel vooraf en levert hand- en spandiensten.

Al tijden loop ik met het idee rond om iets te doen met minipannetjes. De cocottes, zoals in het vorige blog aangegeven. Anja heeft een huis met een heerlijke tuin, waar we tot nu toe altijd buiten hebben kunnen eten. Ik zie mij door de tuindeur al helemaal mijn entree maken met een dienblad vol dampende pannetjes, waarop iedereen zou roepen: “Oooh, wat schattig! Kijk nou! Wat leuk, wat hip, wat origineel!” In die aard. Ik verheugde mij er enorm op. Zou ik even de blits gaan maken!

Inmiddels heb een aantal boekjes met recepten voor minipannetjes en ik had een makkelijke uitgekozen. Cannelloni met vier kazen, quattro formaggi zoals dat zo mooi heet.

De Albert Heijn werd bestormd voor de ingrediƫnten:
1 dl olijfolie (dit is rijkelijk veel!)
200 gram ricotta (ik heb een kuipje van 250 gram geheel gebruikt, geen probleem)
zout en peper
8 blaadjes verse basilicum in reepjes
8 cannelloni
6 dl melk (halfvol is goed)
200 gram belegen kaas, geraspt
200 gram blauwschimmelkaas, bijvoorbeeld gorgonzola, in blokjes
100 gram geraspte Parmezaanze kaas (minder is ook goed, ik had 80 gram en gebruikte nog niet alles)

Alles werd meegesleept naar Anja’s huis. Tijdens de borrel brak de zon door. Hoera, het zou gaan lukken! Moet je opletten, hoe een gaaf gezicht dat zou zijn! Ik toog aan het werk.

– Vet de pannetjes in met olie
– Breng het ricottamengsel op smaak met zout, peper en basilicum (vertaling: prak de boel door elkaar en steek er een vinger in of het smaakt)
– Verwarm de oven voor op 200 graden
– Breng 6 dl melk aan de kook
– Voeg de geraspte kaas en de gorgonzola toe, blijf roeren tot de kaas gesmolten is.

– Vul de cannelloni met het ricottamengsel

Huh?

Vul de cannelloni… HOE dan?

Ik pak een theelepel en probeer een pijpje cannelloni te vullen. Alles blijft steken. Andere kant dan maar. Zogauw ik het pijpje pasta op de kop houd, kruipt het mengsel er tergend langzaam aan de onderkant weer uit. En nu? Verwoed probeer ik de pijpjes te vullen. Vinger op de onderkant. Bovenkant met een theelepel kaas vullen. Alsof je een gans probeert vol te stampen, maar die weigert ook maar iets toe te laten in de luchtpijp.

No go. Ik kom niet verder dan de monden gevuld met kaas. Achteraf niet zo slecht, want het mengsel is daarmee al schoon op. Stel dat alle cannelloni wel gevuld zou zijn, dan had ik te weinig! De eerste de beste keer dat ik in een kookwinkel ben, neem ik me voor een spuitzak te kopen. Vertel eens, WAAROM ziet die dingen er op het plaatje zo irritant perfect uit?

Ondertussen vergeet ik in het kaas-melkmengsel te roeren, waardoor de kaassaus wat kruimelig wordt. Verdorie.
Ik doe de ricottapijpjes in het pannetje. De cannelloni past maar net. Hup, nu de kaassaus er over. Wat veel! Sonja Bakker zou een rolberoerte krijgen.
Ik maak het af door er wat Parmezaanse kaas overheen te strooien.

De pannetjes kunnen in de oven. Phew. Nu de salade klaarmaken.

Ondertussen word ik naar buiten geroepen voor het voorgerecht. Lida heeft thuis een paar zalige, lichte kipwraps klaargemaakt. “Van de site van de Hartstichting”, meldt ze trots. Zij wel. Mijn gerecht houdt de Hartstichting volop aan het werk.

Na 20 minuten kunnen de pannetjes uit de oven. Een heerlijke geur van kaas verspreidt zich door het huis. Aan de randen zitten zwarte korstjes. Oei, zou het wel goed zijn gegaan? Voorzichtig til ik een dekseltje op. Eronder een bubbelende massa kaas, gare cannelloni, maar… zo goed als leeg. Veel ricotta is er uitgelopen.
Zucht.

“Als het maar smaakt”, denk ik angstig, “als het maar smaakt”. Anja heeft vuurvaste vingers, dus die haalt ze uit de oven. Ik zet de pannetjes op het dienblad. Bij sommigen vormt zich meteen een kringetje van overgelopen kaas. Oei, geen goed idee met dat hete spul. Het moet natuurlijk niet inbranden.

“Heb je alles goed vast?” vraagt Anja. Ik knik. Met twee stevige ovenwanten houd ik het langwerpige dienblad vast, speciaal ontworpen voor de cocottes. Op naar buiten.

De reacties zijn gelukkig zoals gepland.
“Kijk nou!”
“Tjee, wat leuk!”

“Cannelloni Quattro Formaggi”, meld ik trots.

Maar nu.
Hoe eet je dit in hemelsnaam? De pannetjes zijn loeiheet. Op de tafel zetten is geen goed idee. Op een bordje dan maar. Nee, ook niet handig, dan kan de salade er niet bij. De pannetjes blijven op het dienblad staan met een opscheplepel, de cannelloni gaat op het bord, salade er bij. Yo, leuk hoor, mini-pannetjes. En zo praktisch.

Anja neemt de eerste hap. Gespannen en bezorgd kijk ik haar aan.
“Zaaaaalig!”, roept ze.

Ik slaak een zucht van verlichting. Gelukkig! Ik neem zelf een hap. Verrukkelijk. Echt, echt, heerlijk. Ik ben ineens heel blij. Toch goed gegaan! De rest valt me bij. Alles gaat bijna helemaal op. Hoera!

De vuurdoop met de cocottes is gelukt. Net als met cupcakes maken, is het even handigheid erin krijgen. Op naar het volgende gerecht in minipannetjes!

Vervolg van het recept:
– Vul de cannelloni met het ricottamengsel (eitje, echt!)
– Verdeel de kaassaus over de pannetjes
– bestrooi met Parmezaanse kaas (ik heb niet alles gebruikt, dat wordt wel erg veel kaas)
– zet 20 minuten in de oven, volgens gebruiksaanwijzing

Salade:
– 1 zak salade Romaine, 200 gram (dit is de knapperige sla die wordt gebruikt voor Ceasar Salade)
– Ceasar Salade dressing
– knoflookcroutons
– deel van de Parmezaanse kaas (je hebt toch over)
– 1 gerookte kipfilet
– half bakje kerstomaatjes

Maak de salade aan met de dressing.
Haal de kontjes van de kipfilet en snijdt in gelijke plakjes.
Was de kerstomaatjes en halveer
Leg de tomaatjes in een cirkel om de sla
Bestrooi de sla met croutons en parmezaanse kaas
Leg de kipfilet dakpansgewijs in het midden.

Vergeet niet te genieten van de entree die je maakt! Eet smakelijk!

This entry was posted in Blog, Recepten - Hoofdgerecht. Bookmark the permalink.